Hoop en verlies | Column Henk Folkerts

maandag, 20 april 2026 (14:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

In Boedapest raakte de auteur sterk onder de indruk van het monument "Schoenen op de Donaukade": gietijzeren schoenen langs de Donau ter nagedachtenis aan Joden die in 1944–1945 door een fascistische militie werden gedwongen hun schoenen uit te doen en doodgeschoten, hun lichamen in de rivier achterlatend. De stad zelf toont haar geschiedenis openlijk — van de Sovjetbezetting na 1945 tot de bloedige opstand van 1956 — en draagt daardoor een mengeling van warmte, trots en verzet in zich. Na jaren van zorg over hoe Viktor Orbán macht verzamelde en instituties uitholde, signaleert de schrijver recent een kentering die Boedapest weer als een plek van hoop doet aanvoelen.

Tegelijkertijd speelt in Emmen een heel ander, kleinschaliger verlies. Deze week sneuvelden twee lokale festivals — Roots, Ribs, Brews en Pitfest — terwijl één evenement terugkeerde, waardoor de zomerprogrammering kleur en karakter verliest. Deze festivals stonden bekend om eigenheid, vrijwilligerskracht en sfeer, maar bezweken onder oplopende kosten, zwaardere verantwoordelijkheden en financiële risico’s. Het contrast met grootschalige, commercieel ingestelde evenementen is schrijnend: het recente Paasfestival op de Meerdijk trok massa’s maar bood een programmatie die weinig onderscheid vertoont van generieke publieksfestijnen.

De schrijver legt een verband tussen beide verhalen: net zoals Boedapest het belang kent van herinnering en identiteit bij politieke druk, geldt op lokaal niveau dat culturele eigenheid beschermd moet worden tegen marktlogica. Als alleen nog gekozen wordt voor wat groot en makkelijk verkoopt, verdwijnen de kleinschalige activiteiten die een plek juist bijzonder maken — en daarmee iets om trots op te blijven.